Oefentherapie Mensendieck is een actieve behandelmethode gericht op het houdings- en bewegingsapparaat van de mens. De grondlegster van deze methode heet Bess Mensendieck. Haar idee was dat de mens bewust zijn eigen wil zou kunnen gebruiken om zijn houding en beweging te verbeteren.

In de loop der jaren heeft de therapie zich steeds verder ontwikkeld. De methode is er op gericht de mens bewust te maken van zijn houding en bewegen in het dagelijks leven. De oefentherapeut kijkt samen met de patiënt/cliënt naar de lichaamshouding en de manier van bewegen, naar wat er gebeurt tijdens het staan, zitten, lopen, bukken-tillen of andere activiteiten die de cliënt veel doet.

Beeldschermwerk, tillen, lopen, bukken en schrijven zijn enkele voorbeelden van activiteiten waarbij vaak niet over lichaamshouding en beweging wordt nagedacht, maar wel de oorzaak kunnen zijn van (pijn)klachten die met oefentherapie behandeld kunnen worden.

Vaak hebben we onszelf onbewust een ongunstige manier van bewegen aangeleerd. Met als gevolg een verstoorde spierbalans, een verkeerde belasting van gewrichten, een verminderde bloedcirculatie en/of een verkeerde manier van ademen.

In eerste instantie gaan veel houdings- en bewegingsgerelateerde klachten aan het bewegingsapparaat vanzelf over. Maar hebben echter de neiging om na verloop van tijd terug te komen, vaak in heviger mate en voor langere duur.

Onbehandeld kunnen ze zelfs resulteren in chronische pijn. Omdat ieder individu op zijn eigen specifieke manier beweegt, wordt de therapie daarop aangepast. De oefentherapeut-Mensendieck stelt een oefenprogramma samen dat rekening houdt met de lichamelijke, mentale conditie en de sociaal-maatschappelijke omstandigheden van de patiënt/cliënt.

Door het zelf doen, zelf zien, zelf doorvoelen voel je wat je grenzen zijn. Je voelt wanneer je iets overbelast en/of goed belast en je kan daar zelf over oordelen. Er wordt uitleg gegeven over de relatie tussen de klachten en bewegingsgewoonten om zo de patiënt inzicht te verschaffen over de mogelijke oorzaken.

Hierbij wordt gebruik gemaakt van kennis over de bouw van het lichaam, de werking van het lichaam, het gebruik van het lichaam en het evenwicht tussen belasting en verwerkingsvermogen van een lichaamsdeel. Het doel van oefentherapie is het verkrijgen van een nieuw “lichaamsschema”.

D.w.z. u wordt zich bewust van ongunstige houdings- en bewegingsgewoonten en verkrijgt het inzicht en de vaardigheden om deze te corrigeren en te integreren in de dagelijkse activiteiten. Een cliënt kan aan het einde van de therapie het geleerde uiteindelijk zelf thuis, op het werk of bij hobby of sport toepassen.

Door het verbeteren van houdings- en bewegingsgewoonten pakken we niet alleen de gevolgen aan, maar belangrijker nog de oorzaak. Het accent van de therapie ligt dus op gedragsverandering en niet op symptoombestrijding. Het veranderen van het bewegingsgedrag zal ook op de langere termijn merkbaar zijn.